Delegatie gemeente Goes naar Uganda voor werkbezoek

GOES – Een Goese delegatie van drie personen is op 11 april voor een negendaags werkbezoek naar Uganda vertrokken. Dit op uitnodiging van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), die projecten in Uganda stimuleert die bijdragen aan het bereiken van de millenniumdoelstellingen.

Afvalprobleem
De delegatie bestaat uit wethouder Loes Meeuwisse, raadslid Marlize Laport en Cock van den Wijngaard, ambtelijk projectleider Ugandaproject, Goes is sinds 2009 via Vereniging Nederlandse Gemeenten International gekoppeld aan Kamuli.

In overleg is gekozen voor de opbouw van een nieuw afvalinzamelingssysteem. Afval is er een groot probleem. Alles wordt in straten op een grote hoop gegooid, wat de volksgezondheid niet ten goede komt. Goes heeft veel energie geïnvesteerd om samen met Kamuli een vuilophaaldienst op te zetten, een betere stortplaats te regelen, te zorgen dat kansarme jongeren wat kunnen verdienen door vuilnis in te zamelen en een voorlichtingscampagne te beginnen.

Voortgang Kamuli Goes Clean
Het programma bestaat uit twee delen en start met een vierdaags bezoek aan de Ugandese projectgemeente van Goes, Kamuli. Hier wordt met het plaatselijke projectteam overlegd over de stand van zaken van het vorige programma: het afvalproject Kamuli Goes Clean.

Er zijn verkiezingen geweest in Uganda en er is niet alleen een nieuwe gemeenteraad, maar ook een nieuwe burgemeester. Met het vernieuwde stadsbestuur wordt verkend wat de mogelijkheden zijn voor samenwerking tussen Goes en Kamuli binnen het nieuwe programma van Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) voor de komende vier jaar. Dit project wordt, evenals het project Kamuli Goes Clean, geheel betaald door VNG International.

Toekomstig programma
Het tweede deel wordt besteed aan een driedaags symposium in de hoofstad Kampala dat is georganiseerd door VNG International, de Nederlandse ambassade in Kampala en de Ugandese koepels voor lokaal bestuur. Deelnemers aan het symposium zijn verder de Nederlandse gemeenten Gemert-Bakel en Deventer, de drie Ugandese gemeenten die eerder meedraaiden in het afvalproject en de Nederlandse ambassade.

De opbrengst van het symposium moet zijn een programma voor de periode 2012 – 2016 plus een concrete uitwerking daarvan voor 2012 en 2013. Dit programma wordt vervolgens getoetst door het ministerie van Buitenlandse Zaken. De concrete start van het nieuwe programma is naar verwachting in augustus/september. De projectkosten zijn voor rekening van VNG International.

VNG International
VNG International voert tot december 2016 het Local Government Capacity Programme uit. Essentieel daarbij is de rol van de lokale overheid, de overheidslaag die het dichtst bij de bevolking staat. Het programma moet bijdragen aan capaciteitsontwikkeling van lokale overheden en hun koepelorganisaties in negen partnerlanden.

Er is steeds meer erkenning voor de belangrijke rol van lokale overheden in het ontwikkelingsproces en de ontwikkeling van de lokale economie. Steeds zijn zij daarbij aangewezen op lokale bestuurders. Hun frustratie groeit als dat overheidsapparaat niet in staat is hen te ondersteunen. Helaas is dat op veel plekken in de wereld het geval. Zonder een goed functionerende lokale overheid is duurzame lokale economische ontwikkeling moeilijk te realiseren.

Het Local Government Capacity Programme heeft als doel de capaciteit van lokale overheden en verenigingen van gemeenten in negen landen te versterken en maakt hiervoor gebruik van de beschikbare expertise bij lokale overheden in Nederland. De doelstelling is dat de Ugandese gemeenten op termijn beter in staat zijn om:

  • beleid te maken en uit te voeren
  • stappen te zetten in het ontwikkelingsproces
  • zich aan te passen aan veranderende situaties en zich te vernieuwen
  • samen te werken met externe partijen
  • samenhang in hun wijze van werken aan te brengen

Collega-tot-collega benadering
Het programma stelt via VNG International gemeentelijke expertise beschikbaar aan de negen partnerlanden, in nauw overleg met gemeenten, het ministerie van Buitenlandse Zaken en de Nederlandse ambassades. Waar mogelijk en nuttig doet het ook een beroep op specifieke kennis en ervaring bij provincies, waterschappen, woningbouwcorporaties, welzijnskoepels, waterschappen en kennisinstellingen.

De toegepaste methode is de collega-tot-collega benadering: het uitwisselen van ervaring en kennis tussen mensen uit de praktijk die hetzelfde werk doen, hier en daar. Uit onderzoek blijkt dat deze methode zeer effectief en efficiënt is.

Artikel delen:
Gerelateerde berichten

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *